up: 0,0 dagen


 

 
 
 
 
 

 
 

 
 
 
 


Bomen zijn zich in zekere zin 'bewust' van hun gewicht, en passen hun stam daar op aan
...Dat hebben onderzoekers van de universiteit van Helsinki ontdekt. Hun bevindingen zijn terug te vinden in het blad Current Biology.

Veel bomen kunnen behoorlijk groot worden en met al die takken en bladeren ook een behoorlijk gewicht hebben. Het vereist vanzelfsprekend een sterke en stabiele stam om dat alles in de lucht te kunnen houden. Je mag dan ook verwachten dat bomen hun stam in reactie op het gewicht – dat toeneemt naarmate de jaren vorderen – op de één of andere manier kunnen versterken. En dat is precies wat onderzoekers in de nieuwe studie aantonen.

De wetenschappers richtten zich op de zachte berk (Betula pubescens). Ze hingen gewichten in de bomen en keken hoe de bomen daarop reageerden. Het leidt tot de ontdekking dat bomen in reactie op extra gewicht inderdaad in staat zijn om hun stam wat op te dikken en zo hun stabiliteit te waarborgen. Maar niet alle onderzochte berken deden dat. “Wanneer bomen de vrijheid hadden om heen en weer te zwaaien, werden ze in reactie op het toegevoegde gewicht dikker,” vertelt onderzoeker Juan Alsonso-Serra aan Scientias.nl. “Maar die reactie zagen we niet bij de meer statische bomen.”

De ontdekking dat bomen hun stamdikte aan kunnen passen aan hun eigen gewicht, lijkt te vereisen dat ze zich ‘bewust’ zijn van hun gewicht. Het gaat te ver om bomen op basis van dit onderzoek een bewustzijn toe te rekenen, maar ze moeten een gewichtstoename wel op de één of andere manier kunnen opmerken. Hoe dat precies zit, weten onderzoekers nog niet. “Onze volgende stap is onderzoeken hoe de bomen massa waarnemen. Dat is iets wat in planten nog nauwelijks onderzocht is. Onze eerste analyse wijst erop dat er genen bij betrokken zijn die ook een rol spelen in de reactie op aanraking.” Naast de zachte berk bestudeerden de onderzoekers namelijk ook een van nature voorkomende mutant die in tegenstelling tot ‘normale’ bomen niet in staat is om zijn stam aan te passen aan een toename in gewicht. Het resultaat is dat deze mutant gedurende een maand of drie net zo groeit als een ‘normale’ boom, waarna de stam net boven de grond ombuigt en de boom compleet instort. Een vergelijking van het genoom van deze mutant en het genoom van gezonde berken brengt de onderzoekers op het spoor van een gen dat bomen in staat stelt om op hun eigen gewicht te reageren.

Onduidelijk is nog of ook andere boomsoorten in staat zijn om – net als de berk – de dikte van de stam af te stemmen op het gewicht. “We weten het niet,” stelt Alonso-Serra. “We hebben hetzelfde experiment wel uitgevoerd met andere berkensoorten en zagen toen dezelfde reactie. Maar andere bomen hebben weer andere houtkenmerken en groeigewoonten die wellicht hun reactie (op een gewichtstoename, red.) beïnvloeden.”

Er valt al met al dus nog genoeg te onderzoeken. En dat onderzoek is zeker de moeite waard, zo vindt Alonso-Serra. “We leven in een tijd waarin onze waardering voor planten vaak gebaseerd is op hun productiviteit of schoonheid. Hoewel bomen een centrale rol spelen in ecosystemen en de strijd tegen klimaatverandering, blijft het voor mensen lastig om zich met planten te associëren en ze te beschermen. Dit onderzoek onthult hoe bomen heel dynamisch met hun eigen problemen omspringen, door de manier waarop ze groeien aan te passen. Het begrijpen van het onderliggende mechanisme is niet alleen belangrijk als je meer wilt weten over de ontwikkeling van planten, maar kan ook onze kijk op bomen veranderen.”

https://www.scientias.nl    18-2-2020


Deze Rotterdamse fotograaf maakte 500 kiekjes van zijn favoriete boom
Tijdens een ochtendwandeling in 2015 viel het fotograaf Roderik van Nispen ineens op: hoe mooi het licht viel tussen de springerige takken van een eenzame esdoorn in het Kralingse Bos. Vijf jaar later en vijfhonderd foto’s verder komt Van Nispen er nog steeds bijna elke dag langs. Met hondje Don én zijn camera.

Van Nispen begon vijf jaar geleden met het fotograferen van de boom. Om het vijfhonderdste plaatje te vieren, heeft de Rotterdamse fotograaf een timelapse gemaakt door alle beelden in een video achter elkaar te monteren. Op de vijfhonderd foto’s die Van Nispen inmiddels van de esdoorn gemaakt heeft, is te zien hoe het landschap met de seizoenen verandert. Van gouden herfstbladeren tot aan zomers groen.

Het is een beetje een eenzame boom. Hij staat niet veilig tussen de andere bomen in het Kralingse Bos. Hij neemt voor lief wie of wat er toevallig voorbijkomt of in beeld staat. Meestal staat hij parmantig op een open vlakte, soms met hond Don in beeld, soms met de hekken van het CHIO eromheen.

De meeste foto’s maakt Van Nispen zo rond 08.30 uur. Het is een privéproject, een grapje eigenlijk, naast zijn werk als fotograaf dat hem de hele wereld over brengt. Via Instagram doorleven de boom en de hagen daarachter het ene seizoen na het andere. Altijd gefotografeerd vanaf dezelfde plek, gevaarlijk dicht bij de rand van een sloot. Dat is nu eenmaal de juiste afstand tot de boom, zegt de fotograaf.

Eigenlijk weet Van Nispen maar bar weinig over de boom die hij zo vaak fotografeert. Dat het een esdoorn is bijvoorbeeld, te zien aan de honderden helikoptertjes tussen de takken? Nee, geen idee. Hoe oud hij is? Ook niet. Tijdens het beroemde Holland Pop festival in 1970 had hij zijn plekje op het grasveld al, kan Van Nispen wél vertellen, want hij kreeg ooit een foto van het festival mét boom opgestuurd van een fan.

Van Nispen is voorlopig nog niet klaar met zijn boom. ,,Zolang hij er staat en zolang ik erlangs loop, blijf ik foto’s maken.’’ Hij maakt zich wel zorgen over de staat van de esdoorn. ,,Ik ben geen bomenkenner, maar er zit tegenwoordig aardig wat mos op de stam. Misschien een teken dat het niet goed gaat. Maar vooralsnog zeg ik: op naar de duizend.’’

Bijk een video (timelapse) en een aantal foto's op op de site van het AD
https://www.ad.nl    11-2-2020


Een biljoen bomen? Daarmee redden we de aarde niet
Van Timmermans tot Trump, velen zien het planten van bomen als een wondermiddel tegen klimaatverandering. Wetenschappers zijn voorzichtig: „Verlaag je verwachtingen.”

Lijkt het maar zo, of wil iedereen, in de strijd tegen een opwarmende aarde, opeens boompjes planten? In Europa moeten er twee miljard bij komen, zo opperde eurocommissaris Frans Timmermans vorige maand als onderdeel van zijn Green Deal. In Groot-Brittannië gingen de afgelopen maanden soortgelijke getallen rond, alleen al voor dat land. De Verenigde Staten sloten zich deze week aan bij een internationaal initiatief om een biljoen bomen te planten: president Trump zelf bracht het nieuws in Davos. En de opties voor mensen om vrijwillig een boom te laten planten – bij de aankoop van spullen, bij het browsen, zomaar – schieten als paddestoelen uit de grond. Help mee een miljard bomen te planten in de Amazone! Vergroen Afrika!

„Er is een hype nu, maar bomen planten kan echt wel helpen”, zegt Gert-Jan Nabuurs, hoogleraar Europese bossen aan de Wageningen University & Research. „Ook grote partijen, zoals bedrijven en pensioenfondsen, raken geïnteresseerd.” Toch zitten aan het planten van bomen allerlei mitsen en maren, zo leert een duik in de wetenschappelijke literatuur en een rondgang langs een twaalftal bosdeskundigen, ecologen, klimaatonderzoekers en beleidswetenschappers.

Het idee is zo simpel. Een boom haalt het broeikasgas CO2 uit de lucht, zet dat in combinatie met zonlicht om in suikers, en gebruikt die suikers onder andere om te groeien. Daarmee ligt (een deel van) de opgenomen koolstof vast. Hoe meer bomen je plant, hoe meer CO2 je vastlegt. Wat je daarmee wel niet kunt bereiken, daarover heeft een aantal studies de laatste jaren torenhoge verwachtingen gewekt. Met name een publicatie in Science vorig jaar juli trok veel aandacht. Maar die werd ook meteen bedolven onder de kritiek. Volgens deze studie zou 0,9 miljard hectare extra aan land bebost kunnen worden – een gebied bijna zo groot als de VS. En daarmee zou in totaal 205 gigaton koolstof (GtC) vast te leggen zijn. Dit getal moet over decennia worden uitgesmeerd – de periode dat bomen groeien – maar welke periode, dat zeiden de auteurs er niet bij. Dus was ook niet duidelijk hoeveel koolstof er gemiddeld per jaar vastgelegd zou kunnen worden. Ter vergelijking: vorige maand publiceerde een grote groep wetenschappers onder leiding van Pierre Friedlingstein van de Universiteit van Exeter de jaarlijkse koolstofbalans van de aarde, dit keer over het jaar 2018. Hun berekeningen komen erop uit dat de mens circa 9,5 GtC uitstootte met het verbranden van fossiele brandstoffen. Deze post bleek veel groter dan de post van bomen. Die verrekent CO2-uitstoot (door ontbossing, selectieve houtkap, natuurlijke afbraak) met CO2-vastlegging (bebossing, natuurlijk herstel). Deze post kwam uit op een netto uitstoot van circa 1,5 GtC. Voor 2017 waren de cijfers vergelijkbaar, respectievelijk 9,4 en 1,5.

Toch was voor de auteurs van het Science-artikel de conclusie duidelijk. Boomherstel is onze meest effectieve oplossing om klimaatverandering tegen te gaan, schreven ze. „Nonsens”, reageert Pierre Friedlingstein, hoogleraar wiskundige modellering van het klimaatsysteem. „Ik heb nog nooit een publicatie gezien waarop zoveel negatieve reacties zijn ingezonden, en ook geplaatst.” Science plaatste er zes, waarvan Friendlingstein er, samen met vier collega’s, eentje schreef. Elk commentaar wijst op andere zwakheden in de studie. „Mijn advies:”, zegt Friedlingstein over de potentie van bosherstel, „verlaag je verwachtingen”. Wat we ook doen met de bossen, zegt hij, het zal niet genoeg zijn om de huidige uitstoot van fossiele brandstoffen weg te werken. In zijn ogen blijft het snel uitfaseren van die fossiele brandstoffen „number one” om te doen.

Dat zegt ook Jonathan Doelman van het Planbureau voor de Leefomgeving. Aan massale herbebossing kleven allerlei risico’s, zo beschreef hij afgelopen oktober met collega’s in een artikel in Global Change Biology. De aangewezen plek voor deze operatie is de tropen. Want hier groeien bomen het snelst, en leggen ze dus relatief veel koolstof vast. Daarbij zijn er aanwijzingen dat tropisch bos via verdamping en wolkenvorming ook nog eens zorgt voor koeling.

Maar als in de tropen het bos uitbreidt, zegt Doelman, is er minder grond voor landbouw. En die wil ook uitbreiden, juist in dit gebied – de huidige ontbossing is vooral in de tropen. Want de groeiende bevolking hier moet gevoed, en vanuit het buitenland is er een toenemende vraag naar bijvoorbeeld vlees en zuivel – bos maakt plaats voor weilanden of voor akkers vol veevoer. „Bosherstel kan dus leiden tot meer honger in Afrika en Zuid-Azië”, zegt Doelman. Verder, zegt Doelman, kunnen massale investeringen in herbebossing ertoe leiden dat bijvoorbeeld de industrie minder doet en relatief veel blijft uitstoten. „Dit is een cruciaal risico, want die koolstof blijft heel lang in de atmosfeer.” Daarom is hij veel gematigder over de potentie van bosherstel.

Los van de lastige discussie hoeveel je met herbebossing nou precies kunt bereiken, is er nog de vraag hoe je dat het beste doet. De ideeën hierover zijn aan het verschuiven, zegt Nabuurs. Het veranderende klimaat speelt hierin een rol, maar ook de in 2015 uitgebreide duurzaamheidsdoelen van de Verenigde Naties. Een bos plant je niet alleen meer aan om op ontboste hellingen erosie tegen te gaan, of om productiehout te leveren. Maar ook voor de biodiversiteit, om de lokale bevolking van voedsel en werk te voorzien, om water in de bodem vast te houden. En om koolstof vast te leggen.

In Europa, zegt Nabuurs, heeft vooral het veranderende klimaat mensen aan het denken gezet. „Door de droogte van 2018 en 2019 zitten ze in Zuid-Duitsland, Oostenrijk en Tsjechië nu met de handen in het haar.” In de uitgestrekte fijnsparbossen die in Centraal-Europa na de Tweede Wereldoorlog massaal zijn aangeplant om productiehout te leveren, heeft een bastkever de afgelopen jaren een ravage aangericht. „Normaal beschermt de fijnspar zich tegen die kever door hars uit te scheiden, maar door de droogte maakte hij minder hars aan.”

Het veranderende klimaat drukt bosbeheerders met de neus op de feiten: het Europese bos is relatief eenvormig. Dat blijkt ook uit de laatste inventarisatie, die om de vijf jaar wordt uitgevoerd. In dat rapport, State of Europe’s Forests 2015, lees je dat het Europese bos inmiddels weer 33 procent van het land bedekt. In de zeventiende eeuw was dat door kaalslag teruggelopen tot tien procent. Maar: op dertig procent van het beboste gebied staat nu maar één soort, meestal een naaldboom. En op de overige zeventig procent staan „twee of verscheidene soorten”. Die eenvormigheid maakt het Europese bos kwetsbaar voor bijvoorbeeld plagen, zegt Nabuurs.

Nabuurs heeft drie jaar geleden in het tijdschrift Forests, samen met collega’s uit Frankrijk, Duitsland en Finland, een plan geschreven voor een climate smart Europees bos in 2050, waarmee ongeveer tien procent van de huidige Europese CO2-uitstoot is te dekken. Daarvoor zou het bos verder moeten uitbreiden. Vooral verlaten, marginale landbouwgrond komt daarvoor in aanmerking, zegt Nabuurs. „In Polen, Bulgarije en Roemenië heb je daar grote stukken van.” Beter bosbeheer helpt ook. „Als je jonge bossen sneller uitdunt, groeien de overgebleven exemplaren sneller”, zegt Nabuurs. In Spanje en Portugal zou je eucalyptus deels kunnen vervangen door soorten die beter tegen brand kunnen. Ook zou het gebruik van hout meer moeten verschuiven van verbranding (voor bijvoorbeeld huisverwarming) naar toepassing in de bouw. „Dan stoot je de koolstof niet meteen weer uit”, zegt Nabuurs. Als extra voordeel bespaar je op de productie van beton en staal, waar veel CO2 bij vrijkomt. En om meer biodiversiteit te krijgen zou je in de uniforme bossen meer soorten kunnen aanplanten. Wat ook helpt is meer bos een beschermde status geven – nu is dat twee procent van het gebied.” Nabuurs praat over „een meer holistisch bos” dat allerlei eisen in zich verenigt. Maar het hoeft niet voor elk bos te gelden. „Plantages blijven nodig.”

Over de tropen zijn de geraadpleegde wetenschappers eensgezind. Allereerst moet de ontbossing stoppen. Er gaat een uitspraak rond: als de ontbossing een land zou zijn, was hij na China en de VS de grootste uitstoter van CO2. Daarnaast is de ontbossing van de tropen de hoofdoorzaak van het dramatische verlies aan biodiversiteit. Ook worden lokale gemeenschappen gemarginaliseerd.

En als men in de tropen bos herstelt, zou dat slimmer moeten gebeuren. In 2011 bijvoorbeeld werd de Bonn Challenge gelanceerd, een ambitieus internationaal project met als doel om in 2030 een gebied zo groot als India te hebben herbebost. De meeste projecten vinden plaats in de tropen. Maar bijna de helft van het gebied daar blijkt bestemd om een monocultuur-plantage te worden, zo laat een vorig jaar april gepubliceerde analyse in Nature zien. „In een plantage kun je met een snelgroeiende soort wel snel CO2 vastleggen, maar voor de biodiversiteit doet het niet veel”, zegt Charlotte Wheeler, een van de auteurs van de analyse, en verbonden aan de Universiteit van Edinburgh. De biodiversiteit kan zelfs afnemen, zo laat een overzichtsartikel in Biodiversity and Conservation (2010) zien. Dat was het geval als de plantage in plaats van grasland, struikgebied of bestaand bos kwam.
https://www.nrc.nl    2-2-2020


Afscheidsbijeenkomst voor 170-jarige monumentale rode beuk
Er komt een afscheidsbijeenkomst voor de monumentale rode beuk aan de Emmalaan. De 170 jaar oude boom is aangetast door schimmel en moet worden gekapt. Buurtbewoners gaan afscheid nemen van de bijzondere boom op 2 februari.

Betrokken bewoners hebben een Facebookgroep aangemaakt waarin het afscheid wordt aangekondigd. Uit naam van de boom schrijven de initiatiefnemers: “Afscheid nemen valt me zwaar. Daarom zou ik het op prijs stellen als je me daarbij wilt helpen door aanwezig te zijn op mijn afscheidsbijeenkomst op zondag 2 februari (2-2-2020). Dan zou ik graag het mooie leven willen vieren dat ik heb gehad met jou om me heen.”

Bewoners worden opgeroepen een herinnering, gedicht, foto of misschien zelfs wel een lied te delen. “Dat maakt het makkelijker voor me om je uiteindelijk los te kunnen laten en om afscheid te nemen van dit leven. Dan is het wat mij betreft mooi geweest.”

Bij de bijeenkomst zijn er drie startmomenten waarop geïnteresseerden welkom om 13.30 uur, 14.30 uur en 15.30 uur.

In 2014 werd ontdekt dat er een schimmel in de boom zit. De gemeente heeft toen samen met buurtbewoners maatregelen genomen om de conditie van de beuk te verbeteren en de boom te behouden.

Later ontdekte men ook een parasitaire reuzenzwam op de boom. Deze zwammen zijn pas boven de grond zichtbaar als ze onder de grond al onherstelbare schade hebben aangericht aan de wortels. De rode beuk is een geliefde boom in Utrecht, maar kap is onvermijdelijk.

Op de plek van de oude beuk wordt uiteindelijk een 12 meter hoge nieuwe beuk geplaatst. Wanneer de boom wordt gekapt is nog niet precies duidelijk.
https://www.duic.nl    26-1-2020


Het ophangen van een hangmat of slackline aan bomen in Utrechtse parken is voortaan toeges
Er zijn wel enige voorwaarden verbonden aan het ophangen van een hangmat. Zo is vooraf toestemming van de gemeente nodig en moet er boombescherming worden gebruikt. Ook mag alleen een eik, populier, iep, linde, wilg of tamme kastanje gebruikt worden.

De PopUp Hangplek van Arjan Visser mocht in de zomer van 2018 al proefdraaien met het ophangen van hangmatten op verschillende locaties in de stad. De gemeente was er echter niet zeker van dat er geen schade aan de bomen zou ontstaan door hangmatten en slacklines (kabels die tussen twee bomen worden opgehangen om op te kunnen balanceren).

De proef werd uiteindelijk verlengd tot de zomer van 2019, omdat eventuele schade aan bomen mogelijk pas later zichtbaar zou zijn. Woensdag is bekend geworden dat bij geen van de gecontroleerde bomen zichtbare schade is geconstateerd.

Het is daarom vanaf nu mogelijk om toestemming aan de gemeente te vragen om een hangmat of slackline aan een boom te bevestigen.
https://www.nu.nl    23-1-2020


YouTubers halen geld op om 21,5 miljoen bomen te planten
Campagne #TeamTrees, gestart door youtuber MrBeast, heeft genoeg geld opgehaald om wereldwijd 21,5 miljoen bomen te planten.

De campagne #TeamTrees heeft genoeg geld opgehaald om wereldwijd 21,5 miljoen bomen te planten. De bomen worden geplaatst in de Verenigde Staten, Australië, Brazilië, Canada, China, Frankrijk, Haïti, Indonesië, Ierland, Madagascar, Mozambique, Nepal en het Verenigd Koninkrijk.

#TeamTrees werd in oktober 2019 gestart door youtuber Jimmy Donaldson, beter bekend als MrBeast. Menig andere youtuber ondersteunde de campagne, waardoor #TeamTrees snel viral ging. Het doel van twintig miljoen dollar werd in december al gehaald. Elke dollar staat voor een boom.

Het planten van de bomen zal tot 2022 doorgaan. De eerste reeks bestaat onder andere uit 100.000 bomen in Californië om het groen te vervangen dat in 2018 bij bosbranden is vergaan. Daarnaast worden er 350.000 bomen in Kenia en 400.000 bomen in India geplant.

https://www.bright.nl    15-1-2020


Franse bosbouwers slaan alarm: Bossen gaan dood veroorzaakt door droogte
Door de opwarming van de aarde sterven de meeste bossen op het zuidelijke gedeelte van Europa. Bosgebieden in Zuid-Europa hebben het meest te lijden door de droogte en franse bosbeheerders sloegen 2018 en 2019 alarm omdat de bossen door de aanhoudende droogte massaal afsterven. In gebieden boven Clermont-Ferrand is volgens onderzoek 80 procent van de naaldbomen ernstig beschadigd door de aanhoudende droogte van de afgelopen jaren. Maar ook landen met meer neerslag zoals in Zwitserland zijn de bossen zoals in de Jura aan het afsterven. Ook de bossen in de Vogezen hebben te lijden van de droogte en tien procent van de dennen zijn al dood.Het grondwaterpeil was in 2018 al te laag en in voorjaar 2019 nog niet aangevuld.

Door het neerslagtekort in de afgelopen jaren is het grondwaterpeil flink gezakt, waardoor bomen in het voorjaar en zomer een water tekort krijgen. In de herfst en winter wordt de grondwaterstand enigszins aangevuld, maar voor veel bomen is het dan al te laat. Vooral voor boomsoorten die droogte gevoelig zijn en niet met hun wortels de lage grondwaterspiegel kunnen bereiken, worden hierdoor het slachtoffer.

Een boom transporteer water uit de bodem met zijn wortels, via de vaten in de barst naar de bladeren. Indien de bladeren te weinig water krijgen, worden de huidmondjes in het blad gesloten om uitdroging te voorkomen. Huidmondjes zijn de microscopisch kleine openingen die meestal aan de onderzijde van het blad zitten en die gevormd zijn door twee sluitcellen, waar koolzuurgas, zuurstofgas en waterdamp door diffunderen. Bij verdamping van de waterdamp koelt het blad af en kan de hitte van de zon meestal verdragen. Zijn de huidmondjes dicht om ernstige uitdroging te voorkomen en duurt dat te lang dan worden de bladeren te heet, omdat ze niet kunnen transpireren. Dat leidt vervolgens tot oververhitting van de bladeren en die sterven alsnog af. De bladeren van de boom gaan dood (nog voordat de herfst is begonnen) drogen ( bruin) uit en vallen van de takken af. Soms zie je bij naaldbomen het zelfde gebeuren, de naalden drogen uit en vallen af. Een uiterste noodmaatregel van de boom, om verder zo min mogelijk water te verliezen door verdamping via het blad of naalden (naaldboom).

In het afgelopen voorjaar was er al een te lage grondwaterstand en was te zien dat veel loofboomsoorten traag en spaarzaam in blad kwamen. In de afgelopen twee zomers hebben we kunnen zien dat veel bomen aan het wegkwijnen waren (vooral de lijsterbes) en dood gingen. Vooral was er veel sterfte bij de fijnspar, en individueel uitval bij andere soorten. Naast fijnspar valt op dat de hemlock (Tsuga heterophylla) het ook moeilijk heeft. Vooral bomen die op zandrond staan hebben last van de droogte (grondsoort die het water minder goed vast kunnen houden) of bij boomsoorten die niet tegen droogte kunnen, zoals de fijnspar of Lariks hebben als eerste te lijden van de droogte. Ze verliezen door deze uitdroging ook hun weerstand en kunnen zich niet meer verdedigen tegen houtkevers zoals de letterzetter. De boom heeft te weinig aanmaak van hars, waardoor de letterzetter in het schors een gaatje kan boren, vervolgens leggen de houtkever, tientallen eitjes onder de bast. Uit de eitjes komen de larven die gangetjes onder de barst of schors beginnen te vreten. Door deze beschadiging wordt de sapstroom in de barst ook nog eens verstoort, waardoor de boom dood gaat. Dit alles is direct of indirect te wijten aan de klimaatopwarming.

Bij de Douglas, voornamelijk op zandgrond, valt op dat ook deze zeer dun in de naalden staan. Sommige bomen staan zelfs zonder naalden. De bekende boomsoorten als de eik en de beuk proberen zich elk jaar opnieuw te herstellen van de droogte. Vaak krijgt de eik ook nog te maken met rupsenplagen in het voorjaar en het is maar de vraag hoelang ze dit nog vol kunnen houden. Deze bomen laten vroegtijdig hun blad vallen in de zomer en hebben hierdoor weinig reserves opgebouwd voor de winter. De meeste zie de laatste jaren nog net herstellen, maar een heleboel hebben een klap gehad. Vooral ook de oude eiken en beuken hebben het moeilijk, dus volgend jaar wordt weer een jaar van beproeving voor deze bomen. De eik kan honderden jaren oud worden in Nederland en in Engeland zelfs 1000 jaar oud. Nu lijkt het erop dat ze in een tiental jaren het gevaar lopen om door de droogte dood te gaan ten gevolgen van de klimaatopwarming.

In Gelderland is momenteel 80 % van het bosbestand met fijnspar dood gegaan door de droogte. Ondanks de fijnspar slechts 4 procent van het bosareaal uit maakt, geeft het toch een groot verlies aan bomen en ook aan inkomsten. Bij Staats Bosbeheer worden deze bomen vaak gebruikt voor de productie van (zaag)hout. Het is een dennensoort die vijftig meter hoog kan worden en jaarlijks wordt er in Nederland 1,3 tot 1,5 miljoen kuub fijnspar geoogst voor de houtproductie (grenenhout).

Ook de West-Europese houtmarkt heeft een teveel aan hout door vroegtijdig gekapt bos dat preventief of noodgedwongen is gekapt voordat het verder wordt aangetast door de droogte of houtkevers. Met name uit Italië, Oostenrijk, Duitsland en Tsjechië worden grote hoeveelheden storm- droogte en door kevers aangetast hout vroegtijdig geoogst. De afzet van hout uit Nederland wordt hierdoor bemoeilijkt en zorgt ervoor dat ook de prijzen van hout steeds verder dalen. Vooral hout van kwijnende bomen is vaak nog wel te verhandelen, maar levert nog maar weinig op. (vaak alleen goed voor de papierindustrie).

Natuurmonumenten is hard bezig om de natuur te redden van de droogte. Door de grondwaterstand kunstmatig hoog te houden met sluisjes kan dat soms net het verschil maken. Maar ook een te hoge grondwaterstand is niet altijd goed voor de bomen en de boeren willen op de naastgelegen akkers of weilanden geen drassige grond.

Inspelen op veranderingen van het klimaat betekent ook keuzes maken in het beheer. De boer in Nederland zou als voorbeeld zijn vruchtbomen kunnen verruilen voor druiven, maar of wij in Nederland de zomer of wintereik moeten gaan verruilen voor bijvoorbeeld de steen of kurkeik is maar de vraag. Wel moet er haastig worden gekeken naar boomsoorten die droogte bestendig zijn. Zo zouden er boomsoorten als de esdoorn, linde, zoete kers, iep en hazelaar en de ratelpopulier een uitkomst kunnen bieden, omdat ze beter tegen droogte perioden kunnen. Om het risico te spreiden is het streven naar een zo groot mogelijke menging van verschillende struik en boomsoorten. Zo gaat de voorkeur uit naar droogteresistente boomsoorten zoals de wintereik (droogte resistenter dan zomereik), de winterlinde (droogteresistenter dan beuk), Noorse esdoorn (droogteresistenter dan gewone esdoorn). Op kleine schaal wordt geëxperimenteerd met gebruik van boomsoorten uit Zuid-Europa zoals bijvoorbeeld ceders, boomhazelaar en zilverlinde.De beste oplossing blijft ten alle tijden een verlaging van de broeikasgassen.
https://www.groennieuws.nl    11-1-2020


Europa’s laatste oerbossen veranderen in houtfabrieken
Bekijk dit prachtige verslag over de oerbossen uit Roemenië van december 2019 van Pieter Stockmans:
https://www.mo.be/reportage/europa-s-laatste-oerbossen-veranderen-houtfabrieken
https://www.mo.be    7-1-2020


Spanje plant weer bossen, en de vervuilers betalen
Spanje is op grote schaal bezig met het herstellen van bossen, die de afgelopen decennia zijn verdwenen door branden. Of simpelweg omdat ze werden omgehakt. Ook Nederlandse ondernemers plantten al honderdduizenden bomen. "Van alle kanten komen bedrijven naar ons toe met de vraag waar ze bomen kunnen neerzetten."

Het landschap dat grenst aan de bergen in het noorden van Spanje is winderig en koud. Korte struiken groeien tussen de pollen gras. Er ligt al vroege sneeuw op de bergen van de Cordillera Cantábrica. Toch is het monotone, kale landschap bedrieglijk.

Tussen de grassen staan honderden vierkante groene - polypropyleen - buizen die het Nederlandse bedrijf Land Life Company neerzette. In iedere koker staat dapper een boompje van nog geen vijftig centimeter. "Over een paar decennia staat hier dus een bos", glimt Sander Keulen, die de zakentak van Land Life leidt.

Het gaat snel. Alleen al in Spanje plantte het bedrijf afgelopen jaar 450.000 bomen. "We krijgen stukken gedegradeerd, uitgeput, land van lokale overheden. In ruil daarvoor zorgen wij voor de herbebossing. De CO2-rechten van de bomen verkopen we. Bedrijven betalen die nieuwe bossen."

Natuurlijk, het is een business model, erkent Keulen. Land Life verdient geld doordat onder meer banken, de olie-industrie of leasemaatschappijen betalen voor herbebossing. Want iets is er ook voor die bedrijven veranderd: "Zij vinden het belangrijk dat ze aan hun werknemers of klanten kunnen zeggen dat ze natuur herstellen. En zo bijdragen aan een beter klimaat."

"Het gaat razendsnel. Amper twee jaar geleden hoorden we nog dat ze het wel interessant vonden en erover na gingen denken. Maar nu komen de bedrijven van alle kanten naar ons toe met de vraag waar ze bomen kunnen planten. Het wordt nog druk de komende tijd."

Verderop in Spanje zijn andere natuurgroepen bezig met herbeplanting in door branden verwoeste gebieden. Het gaat niet alleen om bomen planten, zegt Bongui Ibarrondo. Hij is bezig met een groot project om met vrijwilligers 25 miljoen nieuwe eiken in Spanje neer te zetten.

Het gaat letterlijk door 25 miljoen eikeltjes in de grond te duwen, legt Ibarrondo over de telefoon uit. "Met al die mensen die bossen herstellen willen we echt een sociale beweging op gang brengen. Er zijn nu al duizenden vrijwilligers bij betrokken, mensen die echt iets doen."

"We zijn zo ondergedompeld in zaken die weinig met het echte leven te maken hebben. We moeten weer landen op aarde, een planeet die er niet al te best voorstaat. Door een boom te planten, keer je terug naar de natuur. Over een paar jaar kun je zien hoe de boom is gegroeid. Maar niet alleen jouw boom, ook het bos waarin die eik dan staat."

In het uitgeteerde landschap in de deelstaat Castillië en León zijn groepen mannen in gele overalls bezig bomen voor de Nederlandse opdrachtgevers te planten. Het gaat in hoog tempo. Tien soorten bomen worden door elkaar heen in de grond gezet om ervoor te zorgen dat het toekomstige bos gevarieerd zal zijn.

Bomen planten is een verzoening van de mens met de natuur die hij kapot maakte, beaamt Keulen. Land Life is nu actief op drie continenten. In 2019 zetten de Nederlandse onderneming een miljoen nieuwe bomen neer. Dit jaar zou het naar drie miljoen moeten gaan.

"We verliezen nog altijd per minuut 36 voetbalvelden aan bosgebied. We moeten heel hard aan de bak willen we dat herstellen. We zijn als mens bezig apparaten te ontwikkelen die CO2 uit de lucht halen. Maar een boom doet dat al uit zichzelf."

Land Life laat tegenwoordig ook bedrijven meedoen met de projecten. Afgelopen maand kwamen tientallen werknemers uit het Nederlandse bedrijfsleven naar Spanje - alleen maar om bomen te planten. Keulen zag dat ze behoorlijk vieze handen kregen, en uiteindelijk allemaal onder de modder zaten. "Je moet bedenken dat deze mensen een paar jaar eerder met elkaar gingen karten om aan teambuilding te werken. En nu kwamen ze bomen planten."

"Het was twee dagen lang een groot feest."
https://nos.nl    6-1-2020


"Miraculeuze" ingaboom kan ontbossing van Amazonewoud helpen tegengaan
Het Amazonewoud in Zuid-Amerika heeft zwaar te lijden onder bosbranden en houtkap. In die mate zelfs dat sommige wetenschappers vrezen dat het woud zich niet meer zal herstellen. De ingaboom zou redding kunnen brengen.

De inga (guama in het Spaans) is een boom die groeit op schrale bodems. Bovendien brengt hij stikstof in de bodem waardoor die vruchtbaar wordt. Wetenschappers geloven dan ook dat de inga kan helpen om de ontbossing van het Amazonewoud tegen te gaan.

Professor Toby Pennington, een expert in tropische planten, spreekt op de Britse omroep BBC van een "mirakelboom", die ontzettend snel groeit en de bodem vruchtbaar maakt voor andere planten en bomen. Hij ziet in de inga de ideale boom om grond die door landbouw of veeteelt is uitgeput weer tot leven te brengen. Zodat er op termijn weer bos kan ontstaan.

De ingaboom is in de Amazonelanden een inheemse soort. Hij maakt wortels die de bodem breken waardoor die meer water doorlaat en minder snel uitdroogt. De inga verliest ook veel bladeren die een humuslaag vormen waarop andere planten en organismen kunnen groeien.

Bovendien draagt de inga eetbare vruchten. Boeren planten hem nu al aan, vaak in combinatie met andere gewassen. Onder ingabomen kunnen bijvoorbeeld perfect koffieplanten groeien. Of koeien grazen. Ze kunnen dus ook aangeplant worden op graslanden.

Wetenschappers hopen plaatselijke boeren te overtuigen van de kwaliteiten van de ingaboom. Zo zouden ze minder snel geneigd zijn hun grond te verkopen aan grote landbouwbedrijven, die bomen opofferen om soja te kunnen telen of grote kuddes te laten grazen.

In het Amazonewoud worden branden vaak aangestoken om ruimte te maken voor grootschalige landbouw. De ingaboom zou boeren kunnen aansporen om op een andere manier aan landbouw te doen. En bomen en bossen te sparen.

De inga behoort volgens Koen Es van de Plantentuin in Meise tot de familie van de mimosa of vlinderbloemigen, waartoe ook klaver, bonen en erwten behoren. "Al deze soorten hebben knolletjes aan hun wortels waarin bacteriën zitten", licht Es toe. "Die bacteriën zetten het stikstof vast in de grond. Ook bij ons worden vlinderbloemigen vaak aangeplant als bodemverrijker. Net zoals het blijkbaar in het Amazonewoud gebeurt."
https://www.vrt.be    1-1-2020